“Regionaal samenwerken is geen keuze maar noodzaak!”
Regionale samenwerking is al lang geen vrijblijvende exercitie meer. De grote maatschappelijke en economische opgaven waar gemeenten en waterschappen vandaag de dag voor staan, houden zich niet aan bestuurlijke of geografische grenzen. “Regionaal samenwerken is daarom geen keuze maar noodzaak”, zegt René Peerenboom, regiomanager RNOB. “Alleen samen kun je deze opgaven echt goed aanpakken.”
De samenwerking die hiervoor nodig is, zit diep verankerd in het DNA van onze regio. En juist die traditie, gecombineerd met een steeds sterkere organisatiegraad van de regionale samenwerking, maakt Noordoost-Brabant veerkrachtig. “Dat is de kern van het verhaal van RNOB”, aldus René. “Samenwerken loont, mits je het bewust organiseert, volhoudt en steeds opnieuw scherp blijft op rollen, koers en vertrouwen.”
Mentaliteit
René woont en werkt al zijn hele leven in Noordoost-Brabant. Met ruim 35 jaar ervaring in lokale en regionale overheden kent hij de regio door en door. Wat deze regio uniek maakt, is volgens hem dat mensen hier vanzelf samen de schouders eronder zetten. “Samenwerken zit in onze mentaliteit”, zegt hij. “Dat heeft alles te maken met onze geschiedenis. Op de schrale zandgronden moest je wel samenwerken om vooruit te komen. Alleen redde je het niet.”
Die mentaliteit zie je terug in de vele familiebedrijven die hier zijn ontstaan en die zijn uitgegroeid tot succesvolle ondernemingen. Maar ook in de manier waarop mensen en organisaties elkaar weten te vinden. Tussen de lokale overheden zijn de lijnen kort, men kent elkaar, en er is een sterk besef dat gezamenlijke ambities alleen samen gerealiseerd kunnen worden. Juist doordat de opgaven steeds complexer en gemeentegrens-overstijgend zijn, krijgt die samenwerking steeds vaker een plek op regionaal niveau. Die cultuur vormt de voedingsbodem onder RNOB.
Meer zichtbaar en steviger gepositioneerd
Toen René bijna acht jaar geleden begon als Regiomanager van RNOB, had hij een duidelijke missie: de regionale samenwerking versterken door gemeenten en waterschappen in hun kracht te zetten. “RNOB was toen nog relatief onzichtbaar”, blikt hij terug. “Het zat als het ware verstopt binnen grotere verbanden, zoals AgriFood Capital. Vooral bij de overheden was grote behoefte aan duidelijkheid: wie gaat in de regio waarover?”
Samen met bestuurders, ambtenaren, gemeenteraden en algemene besturen van de waterschappen werkte de regiomanager stap voor stap aan een steviger positionering van RNOB. Niet door grote sprongen, maar door consequent te bouwen aan vertrouwen, structuur en inhoud. ”Samenwerken is geen vanzelfsprekendheid; het vraagt dat je er samen aan blijft werken”, zegt René.
Deze aanpak leidde tot een professionelere samenwerking, met zichtbare resultaten. Zoals twee Regio Deals. “De eerste deal sloten we in corona-tijd. Juist toen zag je hoe waardevol het is als je elkaar al kent en weet hoe je samen kunt schakelen.” De professionalisering van RNOB blijft niet onopgemerkt. Het gezamenlijke Rekenkameronderzoek van Boxtel, Bernheze en Meierijstad uit 2019 bevestigde al dat de samenwerking duidelijke meerwaarde heeft voor de aangesloten gemeenten en waterschappen. Uit het laatste BRE-onderzoek van Berenschot blijkt dat RNOB ten opzichte van andere samenwerkingen goed functioneert. De onderlinge afstemming en bestuurskracht zijn op orde. “Dat soort onderzoeken zijn belangrijk”, zegt René. “Ze laten zien waar je staat en houden je scherp.”
Hoe zichtbaarder, hoe relevanter
Dat de rol van ‘de regio’ steeds belangrijker wordt, ziet de regiomanager dagelijks terug in de praktijk. Veel opgaven zijn simpelweg te groot of te complex voor individuele gemeenten of waterschappen. “Water, energie, wonen, bereikbaarheid, natuur – die systemen lopen dwars door gemeentegrenzen heen”, zegt hij. “Als je deze opgaven echt goed wilt aanpakken, moet je dat samen doen.”
Daarnaast wordt de regio steeds vaker gezien als volwaardige gesprekspartner door provincie, Rijk en Europa. “Hoe zichtbaarder en consistenter je bent als regio, hoe relevanter je wordt, ook voor andere partijen”, stelt René. Samenwerken als één overheid vergroot de slagkracht. Dat vertaalt zich in concrete kansen: beleidsruimte, kennis en financiering komen steeds vaker via de regio beschikbaar.
Die regionale slagkracht ontstaat doordat gemeenten, waterschappen en regionale partners steeds vaker samen optrekken. Recente voorbeelden zijn het Regionaal Economisch Position Paper, opgesteld samen met partners uit de regio, en de gezamenlijke reactie vanuit Noordoost-Brabant op de concept-Nota Ruimte van het Rijk. “Hierdoor laat je zien dat je weet wat je wilt en waar je voor staat.”
2026: een jaar van verandering
Dit jaar wordt de nieuwe organisatiestructuur uit de Organisatieregeling geïmplementeerd. Daarmee is 2026 een belangrijk overgangsjaar. In maart vindt de eerste Regiodag nieuwe stijl plaats. Tegelijkertijd zijn er gemeenteraadsverkiezingen, met deels nieuwe raden en bestuurders. Ook wordt de basis gelegd voor een nieuwe Samenwerkingsagenda voor de komende vier jaar.
Daarbovenop start binnen Regio Deal ’t Goeie leven de ontwikkeling van een bredewelvaartsagenda om verder invulling te geven aan ‘t Goeie leven in Noordoost-Brabant. “Dat gaat over meer dan economie”, legt René uit. “Het gaat bijvoorbeeld over leefbaarheid, gezondheid, gelijke kansen en kwaliteit van leven, nu en in de toekomst.”
De uitdaging is om al deze veranderingen in goede banen te leiden, zonder koers te verliezen. “We willen gemeenten en waterschappen goed meenemen: bestuurders, ambtenaren, raden en algemene besturen. Dat vraagt om duidelijke processen en goede communicatie.” Zo is eind vorig jaar al gestart met een bestuurlijk overdrachtsdocument en staat er dit jaar een (hernieuwde) kennismakingsronde langs alle raden en bestuurders op de planning.
Scherp houden van rollen en verwachtingen
In RNOB zijn gemeenten en waterschappen zelf aan zet, met het Regiobureau als spil. Dat is een andere manier van werken dan bij bijvoorbeeld een omgevingsdienst of veiligheidsregio. “We werken met gelijkwaardige, maar niet gelijksoortige partijen. Zij moeten continu over hun eigen grenzen heen kijken en met elkaar het zoet en zuur eerlijk verdelen.” Raden en algemene besturen zijn kritisch en willen weten wat regionaal samenwerken concreet oplevert. “Het dwingt ons om de resultaten goed zichtbaar te maken.”
Volgens René ligt de grootste uitdaging voor RNOB in het scherp houden van rollen en verwachtingen. “We moeten steeds helder hebben: wat zijn we, waar zijn we van, en wat niet”, zegt hij. RNOB is geen Gemeenschappelijke Regeling, maar een samenwerking op basis van een convenant, sinds vorig jaar zelfs voor onbepaalde tijd. “Dat is een belangrijke mijlpaal. Het zegt iets over het onderlinge vertrouwen.”
Trots op vertrouwen en groei
Waar René het meest trots op is? “Op waar we nu staan als regionale samenwerking”, zegt hij zonder aarzelen. “Een convenant voor onbepaalde tijd, meer betrokkenheid van raden bij onze samenwerking via lokale Regiotafels, betere communicatie over wat we samen bereiken – dat zijn geen kleine dingen. En we bouwen verder: aan een herkenbare regionale identiteit en aan trots op wat we hier samen neerzetten.”
Volgens hem geldt: als je het intern goed op orde hebt, straal je dat uit en zien anderen dat ook. RNOB én de regio Noordoost-Brabant zijn beter in beeld bij relevante partijen. De toekenning van een tweede Regio Deal, met meer middelen vanuit het Rijk dan de eerste deal, is daar een mooi voorbeeld van. Ook binnen de regio wordt steeds vaker samengewerkt met andere netwerken en initiatieven.
En nu doorpakken
René heeft een duidelijke boodschap voor bestuurders. “Samenwerken in RNOB loont”, zegt hij. “De resultaten laten dat zien. We worden steeds vaker gezien als voorbeeldregio.” Dat succes is volgens hem geen toeval. Het is het resultaat van jarenlang hard werken, experimenteren – “pielen en klooien”, zoals hij het met een glimlach noemt – en vooral: investeren in mensen en in de organisatie. “Juist nu is het zaak om door te pakken”, benadrukt hij. “Dat vraagt iets van iedereen. Want regionaal samenwerken is geen keuze maar noodzaak. Wij samen zijn RNOB.”
Over René Peerenboom
René Peerenboom (58) woont in Volkel en studeerde juridische bestuurswetenschappen aan Tilburg University en Economie aan Erasmus University Rotterdam. Hij heeft ruim 35 jaar ervaring binnen lokale en regionale overheden, zorgorganisaties en samenwerkingsverbanden. Na twaalf jaar als gemeenteraadslid en twaalf jaar als wethouder in Uden, met een sterke focus op regionale vraagstukken, maakte hij in 2018 de overstap naar Regio Noordoost-Brabant (RNOB). Als Regiomanager en directeur-secretaris is hij verantwoordelijk voor het versterken en professionaliseren van de samenwerking tussen tien gemeenten en twee waterschappen. Hij fungeert als spil tussen bestuurders, ambtelijke organisaties, provincie en Rijk en draagt bij aan de ontwikkeling en uitvoering van regionale strategieën op het gebied van economie, mobiliteit, klimaat, natuur, wonen en leefbaarheid.