Hoofdinhoud
Organisatie

Regionale samenwerking in Noordoost-Brabant goed op orde

27 januari 2026

Noordoost-Brabant is een regio die de regionale samenwerking goed op orde heeft en bewust blijft doorontwikkelen. Dat blijkt een recente publicatie van onderzoeksbureau Berenschot naar regionale samenwerking in Nederland. Deze publicatie volgt op het eerdere BRE-onderzoeksrapporten. Betekent het dat we nu klaar zijn? Integendeel! 

Wat voorafging

In de periode 2019-2024 deed Berenschot samen met de Rijksuniversiteit Groningen onderzoek naar de bestuurlijke samenwerking in tien regio’s in Nederland: het BRE-onderzoek. De regio Noordoost-Brabant was de eerste casus in dit onderzoek.

 

In het najaar van 2025 gingen de onderzoekers opnieuw met dezelfde regio’s in gesprek om te zien hoe de zij zich sindsdien hebben ontwikkeld. Voor Noordoost-Brabant zijn René Peerenboom, Regiomanager RNOB en Johan Postma, gemeentesecretaris Land van Cuijk geïnterviewd. De uitkomsten heeft Berenschot vastgelegd in het rapport ‘Regionale samenwerking in ontwikkeling’. 

Foto van de stad Den Bosch van bovenaf met zichtbare bomen, wegen, huizen, de Sint Jan en water onder een blauwe lucht met zon en met grijze wolken

Noordoost-Brabant meest stabiele regio

Van de tien onderzochte regio’s behoort Noordoost-Brabant tot de meest volwassen en stabiele regio’s: een ‘draaiend systeem’. In de regio’s die fungeren als ‘draaiende systemen’ - Noordoost-Brabant, Midden-Holland en Rijk van Nijmegen – werken langs een herkenbaar stappenplan en boeken zichtbare resultaten. 
Waar veel andere regio’s nog zoeken naar visie, basisinfrastructuur of uitvoeringskracht, heeft RNOB al een structureel fundament. Er wordt nu gewerkt aan verfijning en vereenvoudiging.

 

De kracht van onze regio zit vooral in een convenant voor onbepaalde tijd, een sterke governance, een doordachte samenwerking en actieve doorontwikkeling.
Volgens Berenschot onderscheidt Noordoost-Brabant zich van veel andere regio’s: niet door steeds opnieuw te herstructureren, maar door te bouwen op wat werkt, periodiek te herijken en te investeren in vertrouwen en uitvoeringskracht. Dat maakt onze regio veerkrachtig en goed voorbereid op de grote maatschappelijke opgaven van nu en straks.

 

De regionale samenwerking in Noordoost-Brabant:

  • functioneert als een zogenoemd ‘draaiend systeem’, waarin samenwerking niet meer vrijblijvend is maar structureel rendeert;
  • beschikt over een stabiele basis, met een samenwerkingsconvenant voor onbepaalde tijd én een vierjarige inhoudelijke agenda;
  • zet zichtbaar in op sterke governance, een professionele uitvoeringsorganisatie en een volwassen samenwerkingscultuur;
  • is in staat om regionale ambities ook daadwerkelijk om te zetten in concrete resultaten, zoals Regio Deals en gezamenlijke programma’s op maatschappelijke opgaven.

Werk aan de winkel

“Dat is heel goed nieuws voor onze regio, zeker gezien de lichte organisatievorm waarvoor we in deze regio hebben gekozen”, reageert René Peerenboom. “Maar het onderzoek laat ook zien dat we achterliggen op regio’s zoals Zuid-Limburg en Flevoland als het gaat om grote, structurele Rijksimpulsen en uitvoeringscapaciteit. Om onze samenwerking toekomstbestendig te maken, is dus werk aan de winkel, in lijn met de rode draden uit het rapport.”

Portretfoto van Rene'Peerenboom, regiomanager RNOB Portretfoto van Rene'Peerenboom, regiomanager RNOB

Katalysator voor organisatieverandering

Het BRE-onderzoek in 2021 is een belangrijke katalysator geweest voor de herijking van cultuur, structuur en focus van RNOB. Hiervoor is een intensief traject doorlopen, zowel bestuurlijk als ambtelijk, waar ook raden en algemene besturen bij betrokken waren. “Dat heeft onder meer in 2024 geleid tot een Organisatieregeling om onze organisatie opnieuw in te richten”, vertelt Johan Postma, ambtelijk opdrachtgever voor de organisatietransitie van RNOB. 

Portretfoto Johan Postma, gemeentesecretaris Land van Cuijk Portretfoto Johan Postma, gemeentesecretaris Land van Cuijk

“RNOB bevindt zich momenteel midden in een professionaliseringstraject. De positieve beoordeling van onze regionale samenwerking door Berenschot is waardevol, maar ik wil echt benadrukken dat samenwerking een continu proces is: het werk is niet af en zal dat ook nooit zo zijn. Juist nu, met bestuurswisselingen op komst, moeten we de opgebouwde energie vasthouden en doorpakken.”


Resultaat van hard werken

De positie van Noordoost-Brabant als koploper in regionale samenwerking is het resultaat van jarenlange samenwerking, experimenteren en doorzettingsvermogen. René: “Andere regio’s zien ons steeds vaker als voorbeeld. Er is bijvoorbeeld veel belangstelling voor de Verenigde Voorbereidende Bijeenkomst van raden en algemene besturen die we zes jaar geleden hebben geïntroduceerd. Dat geeft ons een verantwoordelijkheid om die rol waar te blijven maken. De toekenning van een tweede Regio Deal is niet alleen een duidelijke erkenning van onze inspanningen maar ook een kans om onze uitvoeringskracht verder te versterken.” 


Focus en daadkracht

“De complimenten zijn een stimulans voor onze samenwerking, maar geen reden tot achteroverleunen”, aldus Johan en René. “Integendeel. De uitdaging van RNOB zit in het borgen van continuïteit en het vergroten van slagkracht. Denk aan verdere professionalisering van de governance, meer samenwerken met andere partijen in de regio en steviger inzetten op lobby en public affairs. De komende periode draait om focus, daadkracht en het vasthouden van het momentum om onze positie als sterke, stabiele samenwerkingsregio verder uit te bouwen.”

 

Lees hier het volledige Berenschot-rapport "Regionale samenwerking in ontwikkeling"

De vijf rode draden van regionale samenwerking

Op basis van de interviews is niet alleen vastgesteld hoe de regio’s er nu voor staan maar ook wat de regio’s met elkaar gemeen hebben. Deze zijn vertaald naar de vijf rode draden van regionale samenwerking in transitie: 

  1. Inzicht alleen leidt niet automatisch tot actie
    De BRE-rapporten gaven regio’s scherp inzicht in hun functioneren, kansen en knelpunten. Maar zonder bestuurlijk eigenaarschap, urgentie en een kartrekker bleef echte doorbraak vaak uit.

  2. Uitvoeringskracht is de grootste uitdaging
    Veel regio’s hebben visies en agenda’s ontwikkeld, maar de stap naar uitvoering blijft lastig. Gebrek aan capaciteit, focus op lokale belangen en complexe governance remmen de slagkracht.

  3. Regionale samenwerking is een continu proces
    Regio’s bewegen zich door verschillende ontwikkelfases en moeten hun samenwerking regelmatig herijken. Doorontwikkeling lukt het best als er duidelijke prioriteiten worden gekozen.

  4. Maatschappelijke spanningen en geldgebrek beïnvloeden samenwerking
    Polarisatie en bestuurlijke instabiliteit maken regionale samenwerking kwetsbaar. Ook financiële druk bij gemeenten beperkt de ruimte om regionale ambities waar te maken

  5. Het Rijk moet gelijkwaardig en langdurig samenwerken
    Regio’s vragen om een gelijkwaardige rol van het Rijk en stabiele, integrale financiering. Programma’s zoals Regio Deals werken als ze bijdragen aan zowel inhoud als samenwerking.

Aanmelden nieuwsbrief

U krijgt een bevestigingsmail. Uw gegevens worden alleen gebruikt voor de nieuwsbrief. Meer daarover leest u in onze privacyverklaring.