"Wie als raadslid afstand houdt, laat kansen liggen"
Wie denkt dat regionale samenwerking iets is van ‘daar ergens buiten het gemeentehuis’, heeft het volgens Laurens van Voorst mis. Hij gelooft heilig in samenwerking binnen de regio, maar ziet ook dat betrokkenheid niet vanzelf ontstaat. “Je moet er tijd en energie in investeren. Anders blijft het iets dat ver van je af staat.” Voor hem is de regio juist een krachtig instrument — mits je het ook echt gebruikt.
Als gemeenteraadslid in Meierijstad en sinds eind vorig jaar ook als lid van de regionale klankbordgroep van RNOB volgt Laurens de samenwerking in Noordoost-Brabant al jaren van dichtbij. In deze raadsperiode is hij zich steeds nadrukkelijker gaan profileren als ambassadeur van die regionale samenwerking. Niet omdat het eenvoudig is, maar juist omdat het nodig is.
“Als het gaat over bedrijventerreinen, woningbouw of duurzame energie: dat kun je niet meer alleen als gemeente oplossen. Die vraagstukken zijn simpelweg te groot en vereisen afstemming. Niet alle plaatsen in deze regio kunnen groeikernen worden en we moeten niet met elkaar concurreren bij het werven van bedrijven.”
Ook voor je eigen gemeente
Voor Laurens draait regionale samenwerking niet alleen om het grotere geheel. Juist ook lokale ambities spelen een rol. In Meierijstad wil hij bijvoorbeeld het dorpse karakter behouden en het sociaal domein beschermen. “Als je regionaal aan tafel zit, kun je invloed uitoefenen op keuzes die uiteindelijk ook lokaal doorwerken. Je kunt die regio als instrument gebruiken om het voor je eigen gemeente beter te maken.”
Tegelijkertijd verbaast hij zich soms over de afbakening van de samenwerking in RNOB. Thema’s als economie en ruimte worden regionaal opgepakt en de jeugdhulp ook – maar dat gebeurt dan weer buiten RNOB om. “Want?”, vraagt Laurens zich af.
Samen afspraken maken
Succesvolle regionale samenwerking vraagt om betrokkenheid van volksvertegenwoordigers. Meierijstad laat volgens hem zien hoe dat kan. Bij de regionale bijeenkomsten is de gemeente steevast met een grote delegatie aanwezig. “We vinden het belangrijk om betrokken te zijn. Dat zie je niet overal. We zien dat grotere gemeenten, zoals ’s-Hertogenbosch, soms met een veel kleinere afvaardiging komen.” De boodschap is duidelijk: wie aanwezig is, kan invloed uitoefenen.
Meer concreetheid nodig
Toch begrijpt Laurens goed waarom regionale samenwerking voor veel raadsleden een ver-van-hun-bed-show blijft. ”Veel stukken zijn ambtelijk en abstract. Het gaat minder over concrete dingen waar je meteen een beeld bij hebt. Daar komt nog bij dat de hoeveelheid informatie die we als raadslid krijgen enorm is.”
Volgens hem ligt hier een belangrijke opdracht: maak het concreter, compacter en maak beter zichtbaar wat regionale samenwerking oplevert voor inwoners. “Het wordt pas echt als je het lokaal kunt laten zien. Wat betekent dit voor een wijk, voor een ondernemer, voor een inwoner?”
Tegelijkertijd is hij realistisch. De uitwerking van de regionale afspraken en de communicatie over de impact op de inwoners liggen immers bij de gemeenten. “Regionale afspraken blijven daardoor nu eenmaal deels abstract. Maar misschien kan RNOB er toch iets op verzinnen, want het helpt wel om meer betrokkenheid te creëren.”
Vroegtijdig invloed uitoefenen
Een ontwikkeling waar Laurens enthousiast over is, zijn de Verenigde Voorbereidende Bijeenkomsten (VVB). “Dat vind ik echt een fantastisch model. Omdat raadsleden al invloed kunnen uitoefenen voordat plannen definitief zijn.”
Tijdens deze bijeenkomsten bespreken raadsleden uit verschillende gemeenten plannen voor de Samenwerkingsagenda en kunnen ze gezamenlijk voorstellen indienen. Laurens heeft dat zelf ervaren. Met zijn partij diende hij een voorstel in om terughoudender te zijn met nieuwe grote logistieke hallen in de regio. “Die XXL-dozen nemen enorm veel ruimte in en er werken relatief weinig mensen.”
Door vooraf contact te zoeken met raadsleden uit andere gemeenten, wist hij voldoende steun te verzamelen. “Uiteindelijk dienden we een wijzigingsvoorstel in namens partijen uit vier verschillende gemeenten en kregen we een meerderheid. Het bestuur paste haar plan, dat daarna nog door alle raden wordt vastgesteld, aan. Dan zie je dat regionale samenwerking echt werkt. Dan kun je echt sturen.”
De rol van de raad
Over de democratische legitimiteit van regionale samenwerking is Laurens helder. “Er zijn raadsleden die denken dat de regio een soort ondemocratisch bestuur is. Maar dat klopt gewoon niet.” De regio kan namelijk geen besluiten nemen die bij de bevoegdheid van gemeenteraden horen. “Alles wat uiteindelijk in RNOB wordt besloten, loopt via de gemeenten en waterschappen.”
Volgens Laurens verschilt dat in de praktijk niet van de manier waarop een college functioneert. “Wij zitten ook niet bij de collegevergadering. We krijgen daarvan een besluitenlijst en controleren daarna of alles klopt. Het college mag binnen zijn eigen bevoegdheden afspraken maken met andere wethouders, maar zodra het om raadsbevoegdheden gaat, ligt het gewoon weer bij de gemeenteraad. Dat is bij regionale samenwerking precies hetzelfde.”
Eerst het vak leren
Voor nieuwe raadsleden heeft Laurens een nuchtere boodschap. “Begin niet meteen met de regio. Dat is alsof je net je rijbewijs hebt gehaald en meteen in de Formule 1 gaat racen.” Leer eerst hoe de gemeenteraad werkt: wat een motie is, wat een amendement is en hoe besluitvorming verloopt. “Ga wel naar regionale bijeenkomsten, kijk wat er gebeurt. Maar bouw het rustig op.”
Gebruik de regio
Voor Laurens komt alles samen in één punt: regionale samenwerking werkt, maar alleen als je meedoet. Voor bestuurders en ambtenaren heeft hij vooral waardering: “Ga zo door. Jullie zijn goed bezig.” Aan raadsleden geeft hij een duidelijke boodschap: “Besef dat je als gemeenteraad de eindbaas bent. RNOB beslist niets zonder de gemeenten. Maar wie afstand houdt, laat kansen liggen.”
Over Laurens van Voorst
Laurens van Voorst (66) uit Schijndel begon zijn loopbaan als journalist en groeide via de PR-functies uit tot een ervaren communicatieadviseur met een eigen bureau, dat hij sinds 1992 runt. Hij werkt vooral voor overheden als adviseur, tekstschrijver en moderator en is daarnaast trainer van raadsleden door het hele land. In Meierijstad was hij vijf jaar fractievoorzitter van Hart en bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2026 werd hij herkozen als raadslid. Zijn brede ervaring in communicatie en bestuur neemt hij dagelijks mee in zijn raadswerk, zoals hij andersom ook zijn ervaring als volksvertegenwoordiger gebruikt in zijn werk. Binnen de regio is hij lid van de klankbordgroep van RNOB.