Demografische ontwikkelingen raken bijna alle beleidsterreinen
Het aantal inwoners in Noordoost-Brabant groeit de komende jaren verder. Maar minstens zo belangrijk is hoe de bevolking verandert. We worden ouder, wonen vaker alleen en hebben steeds vaker verschillende achtergronden. Die ontwikkelingen raken vrijwel alle regionale opgaven: van wonen en zorg tot arbeidsmarkt, onderwijs en bereikbaarheid.
Met die boodschap zette wethouder Pieter Paul Slikker, wethouder gemeente ’s-Hertogenbosch, de bestuurders tijdens de Regiodag van 8 oktober op scherp.
Niek Bargeman, senior-adviseur bevolking, bouwen en wonen bij de provincie Noord-Brabant, nam de bestuurders vervolgens mee in de demografische veranderingen in onze regio. Zijn belangrijkste boodschap: demografie gaat over veel meer dan het aantal inwoners. Wie vooruit wil kijken, moet weten wie hier straks wonen en wat zij nodig hebben.
De regio groeit, maar anders dan vroeger
“De bevolking van Noordoost-Brabant blijft de komende jaren groeien, maar verandert ook van samenstelling”, vertelt Niek. “De regio vergrijst, het aantal eenpersoonshuishoudens neemt toe én de bevolking wordt diverser. Tegelijkertijd overlijden er meer mensen dan er geboren worden. De regio groeit doordat er hier meer mensen komen wonen dan vertrekken.”
Tussen 2026 en 2040 groeit de bevolking van Noordoost-Brabant naar verwachting met ongeveer 50.000 mensen. Van deze groei bestaat het overgrote deel (87 procent) uit 65-plussers. In 2040 is naar verwachting meer dan een kwart van de inwoners ouder dan 65 jaar en 15 procent ouder dan 75 jaar.
Rond 2040 bereikt de vergrijzing haar hoogste punt. Daarna blijft het aandeel ouderen naar verwachting redelijk constant. Binnen deze groep neemt het aantal 75-plussers nog wel verder toe.
Vier op de tien alleenstaand
Ook het aantal huishoudens neemt toe. Tussen 2026 en 2040 komen er naar verwachting 37.000 huishoudens bij in onze regio; 28.000 daarvan zijn eenpersoonshuishoudens. Daarmee komt ruim driekwart van de groei van het aantal huishoudens voor rekening van mensen die alleen wonen.
In 2040 bestaat ongeveer vier op de tien huishoudens uit één persoon. In 2000 was dat nog ca. één op de vier. Dat komt voor een belangrijk door de vergrijzing, maar de ontwikkeling is ook zichtbaar bij andere leeftijdsgroepen. “De groei betekent niet dat we bijvoorbeeld alleen maar kleinere woningen moeten bouwen”, benadrukt Niek. “Wel vraagt het om een woningaanbod dat beter past bij kleinere huishoudens, ouderen én mensen met een zorgvraag.”
De bevolking wordt diverser
Niet alleen leeftijd en huishoudensgrootte veranderen. Ook de achtergronden van inwoners worden diverser. In 2025 had 19,5 procent van de inwoners in Noordoost-Brabant een migratieachtergrond. Naar verwachting stijgt dit aandeel naar 26,3 procent in 2040 en 30,5 procent in 2050. Deze percentages liggen steeds iets onder het Brabantse gemiddelde.
Het gaat onder andere om arbeidsmigranten, internationale kenniswerkers, buitenlandse studenten en vluchtelingen.
Niek: “Deze ontwikkeling biedt kansen voor de economie en arbeidsmarkt. Tegelijkertijd vraagt dit aandacht voor passende huisvesting, onderwijs, voorzieningen en deelname aan de samenleving.”
Niet alleen méér …
Een groeiende bevolking betekent natuurlijk ook iets voor de vraag naar woningen. Alleen al tot 2035 zijn er in Noordoost-Brabant zo’n 31.000 extra woningen nodig. Dat komt neer op gemiddeld 3.450 woningen per jaar. Daar moet dus een tandje bij.
Maar aantallen vertellen slechts een deel van het verhaal. “Minstens zo belangrijk is voor wie we bouwen, welk type woningen nodig is én hoe betaalbaar ze zijn”, aldus Niek. “De vergrijzing en de toename van het aantal alleenstaanden vragen om meer variatie, doorstroommogelijkheden en andere woonvormen. Ook is het belangrijk om wonen, zorg en welzijn beter met elkaar te verbinden.”
Hierbij gaat het niet alleen om nieuwbouw. Het grootste deel van de woningen dat in 2040 nodig is, staat er nu al. Daarom is het ook belangrijk om te kijken hoe de bestaande woningvoorraad beter kan worden benut.
Vertrekpunt voor lokale en regionale keuzes
Demografische ontwikkelingen houden niet op bij een gemeentegrens. Wat in de ene gemeente gebeurt, kan gevolgen hebben voor andere delen van Noordoost-Brabant. De cijfers maken bovendien duidelijk dat de demografische vraagstukken waar onze regio voor staat niet binnen één beleidsterrein zijn op te lossen. Vergrijzing raakt wonen, zorg en welzijn. Woningbouw heeft gevolgen voor bereikbaarheid. En ontwikkelingen op de arbeidsmarkt hangen samen met migratie, onderwijs en de aantrekkelijkheid van de regio om er te wonen en te werken.
Daarom roept Niek de bestuurders op om demografische gegevens niet alleen te gebruiken om ontwikkelingen achteraf te verklaren. De cijfers helpen juist richting te geven aan lokale en regionale programma’s. “Gebruik ze als vertrekpunt voor de keuzes die je vandaag met elkaar maakt. Zo kunnen gemeenten en regionale partners beter inspelen op de veranderende demografische toekomst en de effecten daarvan op al die beleidsterreinen waarvoor we gezamenlijk aan de lat staan, waaronder wonen, zorg, onderwijs, economie, mobiliteit en sociale samenhang”, sluit Niek af.